De opkomst van Building Information Modelling, of kortweg BIM, wordt wereldwijd als een doorbraak in de vastgoedsector beschouwd. Maar de ontwikkeling en implementatie van formele normen biedt ook nog andere toepassingsmogelijkheden. De digitale integratie en het onderhoud van bouwmodellen betekenen dat zij een belangrijke rol kunnen spelen in de hele levenscyclus van het bouwproces, in plaats van enkel tijdens de constructiefase.

Wat is Building Information Modelling?

Het eenvoudige idee achter BIM bestaat erin om een model van het gebouw te hebben dat gedurende het hele bouwproces en gedurende de hele levenscyclus van het gebouw up-to-date wordt gehouden. Dit model zal voor iedereen beschikbaar zijn, van architecten tot de eindgebruikers van een gebouw, toegankelijk via eenvoudige gebruikersinterfaces en met een groot aantal gegevens die in combinatie met het model kunnen worden bewerkt en gebruikt.

BIM kan worden teruggebracht tot een aantal sleutelprincipes, waarmee een inspanning wordt geleverd om samenwerking en organisatie aan te moedigen en informatie uit diverse disciplines in een onmiddellijk beschikbare gegevensbron samen te brengen. In ideale omstandigheden dekt deze informatie zowel de lay-out van het gebouw als de inhoud ervan, met inbegrip van plannen voor alle systemen. Deze informatie kan in facility management worden toegepast voor het onderhoud en voor de verbetering van de gebruikerservaring, maar kan ook voor algemeen gebruik beschikbaar zijn.

Maturiteitsniveaus van BIM

Hoewel de definities van de verschillende maturiteitsniveaus van BIM enigszins verschillen, zijn ze voldoende consistent om vertaald te worden in specifieke doelstellingen voor overheden en instellingen. De laagste niveaus van BIM zijn met terugwerkende kracht gedefinieerd om praktijken te beschrijven die de meeste bedrijven al vele jaren toepassen.

BIM-niveau 0

Niveau 0, dat gewoonlijk als Onbeheerde CAD wordt omschreven, beschrijft enkel het meest elementaire gebruik van CAD en papieren plannen in de bouw. Dit is informeel en wordt vaak gebruikt door individuele personen of teams die geen netwerk hebben of zelfs geen standaardisatie hanteren. De plannen zijn 2D en hebben geen aanvullende niveaus met digitale gegevens.

BIM-niveau 1

Beheerde CAD, waarbij elementen voor standaardisatie worden ingevoerd en er een grotere gegevenscomplexiteit optreedt. Niveau 1 omvat zowel 2D-plannen als 3D-modellen, evenals aanvullende informatie zoals conceptuele werken. Ondanks het grotere vermogen dat BIM-niveau 1 met zich meebrengt, impliceert het nog steeds geen samenwerking en staan de individuele teamleden los van elkaar. Elk lid kan een eigen versie van het model met verschillende informatie hebben, die specifiek van belang is op hun eigen taak.

BIM-niveau 2

Niveau 2 is de standaard waar vele ondernemingen momenteel naar streven, met door de overheid goedgekeurde conformiteit in vele landen. BIM-niveau 2 gebruikt nog altijd modellen die voor elk teamlid anders zijn, maar combineert deze in één enkel product voor algemene toegang. De bijeengebrachte informatie kan de bouwvolgorde en -kosten omvatten, respectievelijk als 4D en 5D aangeduid. Gegevenssets kunnen op het model geprojecteerd worden, waardoor fundamentele opmerkingen voor toekomstig onderhoud en design mogelijk worden.

BIM-niveau 3

Niveau 3 is het summum van de huidige BIM-technologie. Het biedt één enkel model dat via het netwerk toegankelijk is, met alle relevante beschikbare gegevens, waaronder de huidige en prognosegegevens voor levenscyclus van het project. Er kunnen meerdere gegevenssets simultaan worden toegepast en met elkaar worden vergeleken, waardoor duidelijkere samenhang ontstaat. Niveau 3 profileert zich als belangrijkste instrument in het arsenaal voor FM, aan de hand waarvan preventief onderhoud via effectieve visualisatie vereenvoudigd kan worden.

BIM-niveau 4

Niveau 4 is in zekere zin een ietwat ongedefinieerde toekomstige standaard. Het kreeg de vage omschrijving dat het via big data en geavanceerde analyse een betere gebruikerservaring en sociale resultaten mogelijk maakt. Geavanceerde technieken voor gegevensweergave zoals virtuele werkelijkheid en augmented reality zijn eveneens onder de noemer van niveau 4 gebracht. Er wordt hiermee al geëxperimenteerd, maar dit vereist nog wat bijsleutelen op het vlak van de software en een ruimere implementatie om echt uitvoerbaar te worden.

Huidige implementatie

De kloof tussen wat beheersystemen kunnen realiseren en wat met BIM wordt gedaan, is duidelijk. Maar ondanks nakende deadlines wat betreft conformiteit met BIM-niveau 2, zit het grootste deel van Europa nog vast op BIM-niveau 1 of lager. En de overdracht van constructie naar ingebruikname is vaak zo wanordelijk dat de plannen en protocols gebruikt tijdens de constructie niet beschikbaar worden gesteld in een formaat dat gemakkelijk kan worden geïnterpreteerd, voor zover zij effectief beschikbaar worden gesteld.

Hoewel de bouw het stadium van fysieke plannen inmiddels gepasseerd is, zijn ontwerp en gebruik van gebouwen voortdurend in ontwikkeling. Om echte waarde uit BIM te putten, moet men verder gaan dan de beperkingen van pen en papier en de voordelen van de toegankelijkheid en rijkdom van BIM ten volle benutten.

Zelfs niveau 1 vormt een uiterst elementaire toepassing van informatiemodellen door gewoon de CAD-plannen van een architect rechtstreeks naar een FMIS-systeem te kopiëren, zonder dat de gegevens moeten worden ingevoerd. Deze benadering van BIM met ‘enkel het strikte minimum’ heeft zware gevolgen voor de reactiviteit van de facilitymanager en potentiële gevolgen voor alle bewoners door de inefficiëntie dat men naar gegevens op zoek moet gaan.

BIM-niveau 1 lijkt sterk op Web 1.0, de vroegere vorm van het internet waar elke pagina handmatig moest worden geactualiseerd. Deze benadering van BIM is op een vergelijkbare manier statisch: alle informatie is er, maar iedereen heeft moeite om er toegang toe te hebben, om deze te vinden, te bewerken of ermee in interactie te treden. Het idee achter BIM-niveau 2 en hoger is om BIM te verheffen van een loutere designtool voor de constructiefase en het te laten versmelten met FMIS, om zo een gesynchroniseerd proces te vormen om informatie te delen en te gebruiken.

FMIS begon als een manier om CAD-tools toe te passen om rudimentaire informatie over gebouwen bij te houden, en nam geleidelijk verschillende harde en zachte FM-taken over. BIM-niveaus 2 en 3 vormen een verlate inspanning om FMIS terug op moderne CAD af te stemmen, waarbij de twee disciplines die langs afzonderlijke lijnen evolueerden opnieuw met elkaar gecombineerd worden. De kunst bestaat erin om een manier te vinden om dit proces te bespoedigen zonder noodzakelijkerwijs meteen naar implementatie van niveau 3 te springen.

Op BIM voorbereiden

Om bij niveau 3 en hoger te komen, moeten we echter beginnen met de niveaus 1 en 2. Het probleem voor FM’s en C-suites is dat dit niet alleen een financiële investering maar ook een investering van tijd betekent. BIM heeft een groot aantal verschillende softwareoplossingen, en de niveaus hebben grotendeels betrekking op hoe de gegevens georganiseerd, gedeeld en gebruikt worden binnen de portfolio van een gebouw en door het personeel onderling.

Het ontbreken van BIM-integratie is vaak geen bewuste keuze. Geavanceerde BIM-mogelijkheden kunnen beschikbaar zijn als deel van een FMIS-softwarepakket, maar zitten dan in de software verborgen, of gebruiken een interface of formaat waarmee de FM niet vertrouwd is. Het is van vitaal belang om de mogelijkheden van BIM-integratie met uw FMIS-leverancier en met uw FM te bepalen, om ervoor te zorgen dat de gegevens ruim beschikbaar zijn en ten volle worden gebruikt.

Als uw FMIS geen BIM-integratie biedt, dan bent u mogelijk niet op de toekomst voorbereid en kunt u eventueel overwegen om een andere leverancier te kiezen. In dit geval kunt u ervoor kiezen om een ruim aanbod van mogelijkheden te vergelijken, en afwegen of de voordelen over de gehele linie de migratiekosten waard zijn. Als alternatief kunt u ook externe oplossingen zoeken, die dan in uw netwerkinfrastructuur geïntegreerd kunnen worden.

Terwijl de voordelen van BIM vaak genegeerd worden door de perceptie van de initiële installatiekosten, gaat men er snel aan voorbij hoe lang u de gegevens zult nodig hebben die erin zijn opgeslagen. De gemiddelde FM-levenscyclus bedraagt 20 jaar of meer, en de gegevens beschikbaar via gedigitaliseerde en navigeerbare mappen zijn daarbij van vitaal belang om onderhoudskosten op lange termijn te beperken, naast ander onvoorzien gebruik van deze gegevens. Ervoor zorgen dat die prompt beschikbaar zijn, kan van onschatbare waarde blijken wanneer u reactieve structurele wijzigingen aanbrengt.

Praktische voordelen

Stel u de voordelen voor om gebouwgegevens te hebben die niet alleen in een 3D-ruimte navigeerbaar zijn, maar ook via onderling verbinding beschikbaar zijn:

  • Informatie van sensoren kan aan een statisch model worden toegevoegd om te tonen waar een bepaald probleem zich precies voordoet. Een slecht werkend verwarmingssysteem wordt aangeduid samen met de positie van de leidingen, en andere elementen van de infrastructuur waartoe u misschien geen toegang hebt, en dit allemaal zonder dat u naar buiten moet om de desbetreffende zone te inspecteren.
  • Veronderstel dat een fabrikant bepaalde producten terugroept wegens problemen. Dan kunt u naar alle gevallen van dat specifieke model zoeken en ze onmiddellijk in een as-built BIM-model lokaliseren.
  • Als er met een bepaald product een probleem is, heeft u onmiddellijk toegang tot de documentatie ervan via een gecatalogiseerde link. En wanneer u deze wijzigingen aan de infrastructuur eenmaal hebt uitgevoerd, kunnen ze zorgvuldig geregistreerd worden om ze later opnieuw te raadplegen.
Visualisatie van BIM

Dankzij geïntegreerde BIM kunnen FM-teams producten zoeken, weergeven en er in een 3D-omgeving mee in interactie treden

Op niveau 3 is deze informatie ogenblikkelijk geactualiseerd en vrij toegankelijk. Een enkel model dat online wordt gedeeld, elimineert de noodzaak om modellen afzonderlijk te actualiseren en om wijzigingen op te nemen. Via hosting op een server vormen ook grotere bestanden geen probleem. En een online interface met een vrij toegankelijk protocol gebaseerd op de browser, zoals WebGL, kan ervoor zorgen dat deze modellen zelfs op minder gesofisticeerde computers en tablets beschikbaar worden. Dit maakt de toegang democratischer en laat toe om extra gegevens in te voeren. We zijn er nog niet helemaal, maar de toekomst van BIM gaat met rasse schreden vooruit.

Interesse om meer te weten over BIM in FM? Neem contact met ons op voor een gratis demo.